Natuniek Hoofdstuk 1 - Bloed
De toets van natuniek is op woensdag 18 mei.
Het hoofdstuk gaat over bloed en over de functie van organen.
Dit is ook een deel dat je voor EHBO moet leren. Het theorie examen van EHBO is op vrijdag 27 mei!
Als je de theorietoets gehaald hebt, mag je op donderdag 9 juni (na de vakantie) het praktijkexamen doen.




Natuniek Hoofdstuk 3 - Planten en Dieren
Les 1 - Waar zijn alle dino's heen?
Wat heb je geleerd:
Waarom sterven dieren uit?
Komt dat alleen door de mens? Of stierven dieren ook iut voordat de mens er was?
Je hebt geleerd dat dieren bedreidg worden door grote natuurrampen, door het verdwijnen van hun leefgebied en door klimaatverandering.
Begrippen:
de fauna, de flora, het fossiel, het klimaat, het voedselaanbod

Les 2 - De natuur in evenwicht
Wat heb je geleerd:
Dieren leven in evenwicht met hun omgeving. Als het evenwicht is verstoord, kan een diersoort verdwijnen. Bijvoorbeeld als het voedsel voor het dier verdwijnt of als er te veel gif in het milieu komt. Je hebt geleerd over de Nederlandse otter en over het koraalrif.
Begrippen:
het milieu, het natuurlijk evenwicht, de overbejaging, de voedselketen

Les 3 - Kappen met kappen!
Wat heb je geleerd:
Oerbossen zijn duizenden jaren oud. Mensen hebben er geen invloed op gehad. Je komt er bijzondere bomen, planten en dieren tegen. Soms worden er ook nieuwe planten ontdekt, waar je geneesmiddelen van kunt maken. Wilde dieren leven ongestoord in de oerbossen. Natuurbeschermers willen de oerbossen graag behouden.
Begrippen:
de leefomgeving, de natuurbescherming, het oerbos

Les 4 - Costa del Holland
Wat heb je geleerd:
Een plant ademt koolzuurgas in en zuurstof uit. Als mensen te veel energie gebruiken, komt er te veel kolzuurgas in de lucht. Daardoor wordt het warmer op de aarde. De ijskappen smelten en de zeespiegel stijgt. Door 'groene' energiebronnen te gebruiken, kunnen we daar wat aan doen.
Begrippen:
het broeikaseffect, de fotosynthese, de groene energie, de zeespiegelstijging

Natuniek Hoofdstuk 2 - Apparaten
Les 4 - Gevoelige apparaten
Begrippen: actuator, microprocessor, sensor
Een sensor zorgt voor de input
Een actuator zorgt voor de output
Zo werkt een automatische kraan:

Sensoren zijn meetapparaatjes.
Lichtsensoren - reuksensoren - bewegingssensoren -
Les 3 - De band loopt!
Begrippen: fabriek, lopende band, productielijn, robot.
 |
|
| |
Een robot is een machine met een computer die allerlei
werk kan doen. |
Les 2: Stap voor stap - deelproces voor deelproces
Begrippen: automaat, deelproces, display, product
 |
Wat is de input?
Kun je het proces beschrijven?
waar zit de druksensor?
waar zit de microprocessor?
Wat is de output? |
 |
Op het display zie je wat de prijs is!
Die groene knop is een druksensor!
Bij de flessen zit een infraroodsensor, zodra de infraroodstraal onderbroken wordt dan gaat de band lopen!
Kijk ook eens in de Spar hoe het er in het echt uit ziet! |
| |
|
Les 1: Brood op de plank
Begrippen:
automatisch, handmatig, de input, de output, het proces
 |
|
|
Input = ??
Proces = ??
Output = ?? |
Input = ??
Proces = ??
Output = ?? |
Input = ??
Proces = ??
Output = ?? |